top of page

Pubers in de ruimte

​

Eerder schreef ik over Marie Kondo en kinderen. Veel van de tips voor kinderen gaan ook op voor pubers. Toch zijn pubers (en prepubers) afwijkend in hun gedragingen en beleving van ruimte. In hun hoofden vinden waanzinnig veel veranderingen plaats. Des te meer reden om ze structuur te bieden, bijvoorbeeld in hun woonruimte. 

Opnieuw, zeven tips!

Tip 1 - Leer je puber delen

Pubers gaan vaak lekker hun gang, en leven in hun eigen wereld: Ze smeren hun eigen boterham en laten het beleg rustig op het aanrecht staan. Ze kwakken bij binnenkomst hun jas en tas neer op de grond, trappen hun schoenen uit bij de bank en laten hun Donald Duckjes na het poepen liggen bij de wc. Ze jassen in een beurt een hele wc-rol erdoorheen en laten het kale karton voor ons achter. Tandpastadoppen losgedraaid, maar niet teruggezet... Klinkt u bekend in de oren? Uw jongere kind doet het waarschijnlijk ook, maar is nog in de leeftijd dat hij dit moet leren. Uw partner doet het misschien ook, maar daar steekt u een stokje voor. Maar uw puber? Onze pubers laten we gaan. Want ach, daar zijn het pubers voor. Niet doen! Want hoe ouder ze worden, hoe lastiger het wordt ze deze patronen af te leren. Stel duidelijke regels op voor het gebruik van gemeenschappelijke ruimtes: Schoenen netjes naast elkaar in de gang, bijkeuken, en liefst in eigen kamer. Jassen aan de kapstok, school- en sporttas direct leegmaken bij binnenkomst. Keukenla en keukenkastjes dicht als er aan het aanrecht met eten gerommeld wordt, anders belanden kruimels en andere etensresten waar je ze niet wil hebben. Eten doen we aan tafel, en we ruimen altijd ons eigen bord op (en zetten deze in de vaatwasser!) Tijdschiften na het lezen rond laten slingeren? 

'Jammer, in de prullenbak!'

Gaat het er bij u nu al zo georganiseerd aan toe? Prima, niets aan veranderen! Of laat u uw puber juist lekker zijn gang gaan, en klinkt dit u in de oren als een militair regime? Slaap er dan nog eens een nachtje over. Want respect voor ruimte en spullen die erin staan, brengt pubers respect bij voor hun omgeving. Iets waar pubers de rest van hun leven profijt van hebben.

​

Tip 2 -Clean desk policy

De meeste kinderkamers zijn van het begin van af aan uitgerust met een bureautje, of werkplek. Als kinderen jong zijn, is de functie teken-, lees- of knutseltafel. In de praktijk wordt zo'n tafel weinig voor op die manier gebruikt. Tekenen, knutselen of lezen doen we nu eenmaal liever in de woonkamer. Tegen de tijd dat het bureau echt als studietafel zou moet moeten fungeren, is het patroon om deze tafel te gebruiken als dumpplek voor van-alles-en-nog-watjes, er al diep ingesleten.

Zaken als huiswerk maken op een niet opgeruimd bureau kunnen een ware crime worden, want er ligt altijd wel iets op tafel om mee te spelen of te klooien. Het spreekt voor zich dat je lekkerder werkt aan een rustig en leeg bureau, dan een tafel die bezaaid ligt met spullen. Je puber zo ver krijgen dat hij dit ook inziet, en hiernaar handelt, is een kwestie van discipline en consequent zijn. De regel is: bureau strak en leeg, ofwel 'clean desk policy'. Dit geldt niet alleen voor de momenten dat er aan het bureau gewerkt wordt, maar is een regel 'for ever'. Het effect van een rommelige werktafel op het leren en werken, is namelijk nog groter dan je nu denkt. Een rommelplek is een plek waar je liever niet naar kijkt, en laat staan, lekker gaat zitten of werken. Huiswerk uitstellen of overslaan, kan het resultaat zijn.

​

Tip 3. School- en sporttas leegmaken

U kent het wel: Puber komt uitgeput terug van avondtraining van een willekeurige sport (waarom zo laat?), ploft neer om nog een verlaat avondmaal naar binnen te werken (ajjj!), werpt sporttas neer onder de kapstok, om deze pas weer te ontdekken tegen de tijd dat de volgende training aanbreekt. Zit er een kleine vakantie of 'training afgelast' tussen, dan kunt u wel raden wat u in de tas aantreft. De roofdierverblijven in Artis zijn er niets bij vergeleken. Vergeten schooltas idem dito: de inhoud van de lunchbox (boterhammen die hij of zij toch niet lekker vond) lijkt verandert in een organisme uit het planten- of zwammenrijk, maar dan een met pootjes.

Uw kind uitfoeteren, of beter, hem er liefdevol aan herinneren dat hij zijn tas leegmaakt bij het thuiskomen, is op dat moment tegen dovemansoren spreken. Uw kind zal hooguit denken: blij dat ik die tas niet geopend heb, ha, ha!

Hoe zorg je dat je dit stadium niet bereikt? Marie Kondo zegt: Leer jezelf de routine om je tas bij binnenkomst tot op de bodem leeg te maken. Doe dit consequent, of je de spullen nu de volgende dag nodig hebt of niet. Niet alleen is dit een kans om je tas leeg en schoon op te hangen. Het is ook de manier om terug te blikken op de dag, en de dag in harmonie af te sluiten. Je laat namelijk al je spullen door je handen gaan, en dus ook de herinneringen aan de momenten waarop ze van pas kwamen (of juist niet van pas kwamen!). Heb je dit ritueel gedaan (kost hooguit drie minuten ), dan kan je de dag ook echt loslaten en met een goed gevoel ontspannen.

​

​

​

Weetje:

Bij een gezin van drie kinderen en ouders met elk drie paar schoenen (sport-, buiten en nette schoenen) staat er algauw een vijftien paar schoenen in de gang. Een schoenenkast lijkt de oplossing, maar wordt al snel een lelijke sta-in de-weg-in-de-hal. Tel hier ook nog de tassen bij op: schooltas, sporttas, en uitgaanstas, en dan is de hal al gauw gevuld met vijfenveertig objecten. Je ontvangsthal is geen balzaal, dus waarom dan schoenen en tassen om niet op de eigen kamer?

​

Meer over rommel op het bureau

Je brein is een kei in het registreren van zowel mooie als afstotelijke beelden, en vooral in het opslaan van deze extremen. Dat een bureau leeg wordt gemaakt voor studieactiviteiten (dan ben je al een heel eind, denk je), neemt niet weg dat de staat waarin het meestal verkeert, een staat van rommel is. Je brein heeft dus twee plaatjes in het archief: een rommelige aanblik, en de tijdelijke staat van orde. Ook bij het werken aan de leeggemaakte tafel, werkt het beeld van de rommel nog door. Je hersens kunnen je dan bijvoorbeeld de boodschap geven om snel of haastig te werken, zo van: snel, snel werken, want voor je het weet, ligt de rommel er weer. 

​

Vaste plek is heilig

Een vaste plek verandert niet steeds van plek. Een vaste plek is heilig. Het is een afgebakende plek waar iedereen goed bij kan, waar het voorwerp goed en soepel in past, en waar het voorwerp goed zichtbaar is. Leg je het voorwerp niet terug op de plek waar het hoort, dan zend je naar je omgeving een signaal uit dat het voorwerp een nieuwe plek heeft gekregen. Dit veroorzaakt verwarring voor de omgeving, of inspireert je omgeving om de verkeerde manier: ze zullen dat voorwerp ook niet meer terugleggen, of erger nog, er nog andere spullen bijleggen waar ze ook niet van weten waar het hoort.

​

Geen zin om terug te leggen?

Geen zin hebben om iets terug te leggen, bestaat eigenlijk niet. Dat klinkt raar, maar als iets je echt tot dienst is geweest, en je er de moeite voor genomen hebt om het te voorschijn te halen (van dat prettige vaste plekje), zal je geneigd zijn het -met respect voor het voorwerp en je omgeving-  het terug te leggen. Denk maar aan een citruspers of speciale blender met toebehoren die je van de bovenste plank van de keukenkast naar beneden haalt. Negen van de tien keer zal je ook de moeite doen om die weer terug te zetten.  Hanteer datzelfde principe ook voor de pennen, scharen die op verschillende plekken door het huis slingeren. Gun die voorwerpen, en uiteindelijk je puber, een vaste plek. Je zal zien dat je omgeving op termijn met meer respect naar zijn omgeving gaat kijken.  

 

Tip:

Afruimen? Een keer lopen voor jezelf, en dan nog twee keer om de eettafel echt voor elkaar weer leeg en schoon te maken.

​

​

Tip 4: Alles een vaste plek Het klinkt als een open deur, maar je puber is het meest gebaat bij een huis waar alles vindbaar is. En alles is vindbaar, als alles een vaste plek heeft. Net als bij jongere kinderen geldt: goed voorbeeld doet volgen. De meeste ouders beweren dat bijna alles in hun huis een vaste plek heeft, en dat het probleem vooral is dat hun medebewoners spullen niet terugleggen. Dat kan waar zijn, maar de vraag is, hoe dat komt. In de meeste gevallen zijn rondslingerende voorwerpen voorwerpen die op meerdere plaatsen in het huis te vinden zijn. Denk maar aan een schaar: deze is bij veel mensen zowel te vinden in hun dressoir, in de keukenla, in de badkamer, op de werkkamer, en misschien nog in de schuur. Je kan 'm dus overal vandaan halen, en overal terugleggen. Vaak eindigt zo'n arm schaap tussen wat pennen, paperclips en en een aantal verdwaalde volle of lege batterijen in een oude fruitschaal. Niet nodig als u gewoon een potje of laatje heeft waar alleen maar scharen in liggen en niets anders.  

Een ander veelvoorkomend probleem wordt gevormd door spullen die meerdere 'vaste' plekken hebben. Voorbeeld van een voorwerp dat meerdere vaste plekken heeft (of waarvan de vaste plek zich steeds verplaatst), is een afstandsbediening. Deze vind je soms naast de televisie, en soms op de bank, soms onder de bank, of onder de kussens van de bank, en dan weer in de vensterbank. Het ding kan zelfs -'waarschijnlijk van bankleuning afgegleden'- in de krantenbak liggen! Zijn dit plekken waar het apparaat vaker te vinden is, dan gaan bewoners dit onbewust als vaste plekken zien, en zullen ze zich niet houden aan de oorspronkelijke plek, de plek waar hij echt hoort te liggen. 

​

Tip 5: Bewegen 

De meeste pubers bewegen te weinig. Dit ondanks het feit dat we als ouders zo verschrikkelijk ons best doen om onze kinderen te laten sporten. De vele uren zitten wegen gewoon niet op tegen die paar uur bewegen op een dag. Grootste boosdoeners: zittend leren, zittend gamen, zittend chatten/appen, en zittend tv-kijken. Creëer plaatsen in uw huis waar uw pubers uitgedaagd worden om te bewegen. Speelt uw puber geen instrument? Schaf er dan toch eentje aan, zoals een tweedehands gitaar of drumstel (met koptelefoon!). Laat muziekles niet de voorwaarde zijn om een instrument in huis te halen. Dat uw kind het instrument in een hoek zal laten liggen, ook daar hoeft u niet bang voor te zijn. Is uw kind er even op uitgekeken, dan zullen vrienden de instrumenten wel boeiend vinden, en uw kinderen op hun manier weer inspireren. Koop een tafeltennis- of sjoeltafel (hoeveel  lol heeft u daar zelf vroeger niet mee gehad?) Hang ringen of rekstok op in huis op. (En schaam u niet voor de buren als ze u eraan zien hangen.) Of een boksbal om af en toe lekker op te keer te gaan, of een grote rubbere bal om overheen te rollen? Er zijn talloze mogelijkheden om in beweging te blijven, ook in uw eigen huis. 

​

Tip 6: Vroeg beginnen

Wie na het lezen van deze tips staat te popelen om het roer om te gooien, dient het volgende voor ogen te houden: Het spreekt voor zich dat een jonge puber, of prepuber makkelijker mee te krijgen zal zijn, dan een kind dat zich aan het einde van de pubertijd bevindt. Een kind van negen of tien vindt het heerlijk om dingen samen te ontdekken. Een oudere puber ontdekt het liever zelf. Begin daarom vroeg met deze duidelijke regels, die zowel u als uw kind veel rust en plezier zullen bieden. 

Tip 4: Alles een vaste plek 

Het klinkt als een open deur, maar je puber is het meest gebaat bij een huis waar alles vindbaar is. En alles is vindbaar, als alles een vaste plek heeft. Net als bij jongere kinderen geldt: goed voorbeeld doet volgen. De meeste ouders beweren dat bijna alles in hun huis een vaste plek heeft, en dat het probleem vooral is dat hun medebewoners spullen niet terugleggen. Dat kan waar zijn, maar de vraag is, hoe dat komt. In de meeste gevallen zijn rondslingerende voorwerpen voorwerpen die op meerdere plaatsen in het huis te vinden zijn. Denk maar aan een schaar: deze is bij veel mensen zowel te vinden in hun dressoir, in de keukenla, in de badkamer, op de werkkamer, en misschien nog in de schuur. Je kan 'm dus overal vandaan halen, en overal terugleggen. Vaak eindigt zo'n arm schaap tussen wat pennen, paperclips en en een aantal verdwaalde volle of lege batterijen in een oude fruitschaal. Niet nodig als u gewoon een potje of laatje heeft waar alleen maar scharen in liggen en niets anders.  

Een ander veelvoorkomend probleem wordt gevormd door spullen die meerdere 'vaste' plekken hebben. Voorbeeld van een voorwerp dat meerdere vaste plekken heeft (of waarvan de vaste plek zich steeds verplaatst), is een afstandsbediening. Deze vind je soms naast de televisie, en soms op de bank, soms onder de bank, of onder de kussens van de bank, en dan weer in de vensterbank. Het ding kan zelfs -'waarschijnlijk van bankleuning afgegleden'- in de krantenbak liggen! Zijn dit plekken waar het apparaat vaker te vinden is, dan gaan bewoners dit onbewust als vaste plekken zien, en zullen ze zich niet houden aan de oorspronkelijke plek, de plek waar hij echt hoort te liggen. 

​

Tip 5: Bewegen 

De meeste pubers bewegen te weinig. Dit ondanks het feit dat we als ouders zo verschrikkelijk ons best doen om onze kinderen te laten sporten. De vele uren zitten wegen gewoon niet op tegen die paar uur bewegen op een dag. Grootste boosdoeners: zittend leren, zittend gamen, zittend chatten/appen, en zittend tv-kijken. Creëer plaatsen in uw huis waar uw pubers uitgedaagd worden om te bewegen. Speelt uw puber geen instrument? Schaf er dan toch eentje aan, zoals een tweedehands gitaar of drumstel (met koptelefoon!). Laat muziekles niet de voorwaarde zijn om een instrument in huis te halen. Dat uw kind het instrument in een hoek zal laten liggen, ook daar hoeft u niet bang voor te zijn. Is uw kind er even op uitgekeken, dan zullen vrienden de instrumenten wel boeiend vinden, en uw kinderen op hun manier weer inspireren. Koop een tafeltennis- of sjoeltafel (hoeveel  lol heeft u daar zelf vroeger niet mee gehad?) Hang ringen of rekstok op in huis op. (En schaam u niet voor de buren als ze u eraan zien hangen.) Of een boksbal om af en toe lekker op te keer te gaan, of een grote rubbere bal om overheen te rollen? Er zijn talloze mogelijkheden om in beweging te blijven, ook in uw eigen huis. 

​

Tip 6: Vroeg beginnen

Wie na het lezen van deze tips staat te popelen om het roer om te gooien, dient het volgende voor ogen te houden: Het spreekt voor zich dat een jonge puber, of prepuber makkelijker mee te krijgen zal zijn, dan een kind dat zich aan het einde van de pubertijd bevindt. Een kind van negen of tien vindt het heerlijk om dingen samen te ontdekken. Een oudere puber ontdekt het liever zelf. Begin daarom vroeg met deze duidelijke regels, die zowel u als uw kind veel rust en plezier zullen bieden. 

​

​

  • Facebook Clean
  • LinkedIn Clean
  • Google+ Clean
bottom of page